Oliepeil checken en bijvullen

olie

Olie is een belangrijke vloeistof om de motor van uw auto goed te laten lopen. Te weinig olie kan voor behoorlijke schade zorgen. Natuurlijk zijn er lampjes die u waarschuwen voor een te laag oliepeil. Maar om verrassingen onderweg te voorkomen, raden wij u aan regelmatig uw oliepeil te checken. Hoe u dat doet? Volg ons stappenplan!

Stappenplan oliepeil controle:

  • Zorg dat de auto zo vlak mogelijk staat.
  • Laat de motor minimaal tien minuten afkoelen. 
  • Pak een schone, droge doek of tissue.
  • Open de motorkap en zet deze op de standaard (zie eventueel het instructieboekje van uw auto).
  • De peilstok is herkenbaar aan het plastic handvat (vaak geel of oranje). Trek aan het handvat en haal de peilstok tevoorschijn. 
  • Maak de peilstok schoon met de doek. 
  • Plaats de peilstok terug en haal hem er na enkele seconden opnieuw uit. Nu is het oliepeil te controleren. 
  • Bekijk de afdruk die de olie heeft achtergelaten op de peilstok. Het oliepeil hoort tussen de twee markeringen op de peilstok uit te komen. 

Geeft de peilstok aan dat er te weinig olie in zit? Vul dan bij. Zit er te veel olie in of heeft u hulp nodig? Schakel dan uw garagehouder in. 

Bijvullen

  • Zorg voor het juiste type olie. Welke olie uw auto nodig heeft, staat in het onderhoudsboekje. 
  • Draai de olievuldop los. U herkent deze aan het bekende oliekannetje. 
  • Gebruik een trechter om geen olie te morsen op de motor. 
  • Zat er nog maar een minimale hoeveelheid olie in? Vul dan op zijn minst een halve liter olie bij. Controleer het oliepeil opnieuw en vul zo nodig extra bij.  

Tip: Leg standaard een liter reserveolie in uw auto.